Kortere tussenkalftijd: vruchtbaarder resultaat

categorie Vruchtbaarheid
15
apr
2015
0
Reacties
Kortere tussenkalftijd: vruchtbaarder resultaat

Hoge voerprijzen en het wegvallen van de melkquotering stellen melkveehouders voor nieuwe keuzes in hun veestapelmanagement. Effectieve maatregelen om rendement te verhogen is het verkorten van de tussenkalftijd met als gevolg een hogere gemiddelde dagproductie per koe en een gunstiger voederconversie. Toch wordt op veel bedrijven het aantal dagen tussen twee afkalvingen eerder groter dan kleiner.

‘Voor intensieve bedrijven betekent een kortere tussenkalftijd dat minder voer hoeft te worden aangekocht en minder mest hoeft te worden afgevoerd. Extensieve bedrijven kunnen met een hogere voerefficiëntie meer liters melk per hectare produceren.‘ aldus Ludo Brosen, hoofd verkoop CRV. Ook vanuit zijn achtergrond als dierenarts kan Peter Vercauteren, hoofd KI, geen goede argumentatie vinden om de eerste inseminatie na afkalving uit te stellen: ‘Gezonde koeien die hebben gekalfd en die een normale cyclus vertonen, kunnen goed op zes weken na afkalving geïnsemineerd worden.’
Toch wil, ondanks toenemend gebruik van hulpmiddelen en een stijgende interesse in vruchtbaarheidsbegeleiding in Nederland en Vlaanderen, de tussenkalftijd niet of nauwelijks dalen.

Vaarzen realiseren hogere levensproductie bij jong afkalven
Met het verdwijnen van de beperking van het melkquotum komt er een reden bij om extra aandacht te besteden aan de vruchtbaarheid van de veestapel. Een kortere lactatie betekent een hogere gemiddelde dagproductie per koeplaats en daarmee een hogere totale melkproductie binnen dezelfde bedrijfsomvang.
‘In Nederland en Vlaanderen kalven vaarzen gemiddeld voor het eerst op een leeftijd van 27 maanden, terwijl dat ook heel goed op 24 maanden zou kunnen. Uit onderzoek blijkt dat vaarzen die op een leeftijd van 24 maanden kalven een levensproductie realiseren die 14.000 kilogram melk hoger ligt vergeleken met vaarzen die kalven als ze 27 maanden oud zijn,’ vertelt Ludo Brosens, ‘Jonge vaarzen realiseren een hogere levensproductie waardoor minder dieren nodig zijn voor vervanging. En verkorten van de opfokperiode verlaagt de kosten met zeker 200 euro per vaars.’

Vruchtbaarheidsbegeleiding loont
‘Als een te lange tussenkalftijd veroorzaakt wordt door een lang interval tussen afkalven en eerste inseminatie dan is regelmatige vruchtbaarheidsbegeleiding vaak heel effectief’, geeft dierenarts Vercauteren aan op basis van zijn praktijkervaring. Als de oorzaak van een tegenvallende vruchtbaarheid moet worden gezocht in een te laag non-returnpercentage na eerste inseminatie dan is het oplossen van het probleem ingewikkelder. Maar dat mag volgende de CRV-mannen nog geen reden zijn om een matige vruchtbaarheid te accepteren. ‘Aandacht voor vruchtbaarheid loont,’ stellen Brosens en Vercauteren dan ook eensgezind vast.

Meer aandacht voor vruchtbaarheid? Maak een afspraak met een vruchtbaarheidsadviseur!
Lees het hele artikel in CRV Magazine

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *