Wijzigingen diercategorieën RVO: langere wachttijden voor CRV Klantenservice

categorie Algemeen
12
dec
2018
0
Reacties
FosfaatPlanner

RVO heeft diverse wijzigingen doorgevoerd rondom diercategorieën. Per half december zijn deze wijzigingen doorgevoerd in CRV FosfaatPlanner. Dit heeft mogelijk invloed op uw bedrijf. Alle gebruikers van FosfaatPlanner zijn hierover geïnformeerd. Toch krijgt onze Klantenservice veel telefoontjes met vragen hierover. Hierdoor is de gemiddelde wachttijd langer dan u van ons gewend bent. Heeft u vragen over FosfaatPlanner? Wellicht kan onderstaande informatie u al helpen! Dat voorkomt wachttijd aan de telefoon!

Als gevolg van de wijzigingen zijn alle dieren waarvan u eerder dit jaar handmatig het productiedoel hebt gewijzigd aangepast naar diercategorie 100. De indeling van de dieren in diercategorieën is bepaald o.b.v. de typering van uw bedrijf én de bloedvoering en haarkleur van het dier. Volgens de nieuwe regels van RVO kan het productiedoel maar éénmalig wijzigen. Zo kunnen dieren die als productiedoel melk hebben alleen voor de laatste levensfase op vlees (categorie 120) worden gezet.

CRV kan en mag deze wijziging niet voor u doen omdat het hier gaat om eigenbewijslast. We proberen u te ondersteunen door oude dieren met productiedoel vlees voor u in beeld te brengen op de stallijst. Op dierniveau geven wij de bij ons laatst bekende mutatiedatum weer. Alle wijzigingen in CRV FosfaatPlanner op een rijtje:

  • Nieuwe Rundveestaat
  • Indeling geboren kalveren tot 14 dagen in diercategorie 101
  • Afmesten melkkoeien juist doorvoeren
  • Melding zoogkoeienhouderij in relatie tot jonge dieren
  • Fokstieren

Hieronder lichten we alle bovenstaande wijzigingen apart toe

 

Nieuwe Rundveestaat

Per 10 december 2018 wordt de CRV FosfaatPlanner uitgebreid met een derde tabblad ‘Rundveestaat’. Op dit tabblad vindt u een lijst met dieren die dit jaar op uw bedrijf staan of hebben gestaan. Ook worden de verwachte geboorten in de rest van dit jaar vermeld. De rundveestaat in CRV FosfaatPlanner is een vervanger van de rundveestaat uit Veemanager en geldt voor de NVWA als leidend. Boven de lijst wordt een samenvatting getoond met het gemiddeld aan dieren per diercategorie per maand (ingeklapt) en voor het gehele jaar. De kolommen van de diercategorieën melk- en kalfkoeien (100), jongvee <1jr (101) en jongvee >1jr (102) zijn overgenomen in CRV FosfaatPlanner. Met behulp van deze dieraantallen (en de gemiddelde melkproductie per koe) wordt de forfaitaire fosfaatproductie berekend.

 

Indeling geboren kalveren tot 14 dagen in diercategorie 101

RVO heeft enkele beschrijvingen van diercategorieën aangepast. Eén van de wijzigingen is dat geboren kalveren op een melkveebedrijf die niet aangehouden zullen worden, tenminste de eerste 14 dagen in diercategorie 101 moeten vallen. Vanaf dag 15 mag door de veehouder zelf bepaald worden welke diercategorie het beste past bij zo’n dier.

CRV plaatst de vaarskalveren van de melkrassen standaard in diercategorie 101. Vaarskalveren van vleesrassen en alle stierkalveren worden vanaf dag 15 in diercategorie 115 (kalveren bestemd voor de roodvleesproductie en startkalveren) geplaatst. Dit betekent dat deze kalveren vanaf 15 dagen buiten de diercategorieën vallen waarvoor fosfaatrechten nodig zijn.

 

Afmesten melkkoeien juist doorvoeren 

Zoals hierboven genoemd worden diercategorieën o.a. afgeleid van de bedrijfstypering. Dit betekent dat op een melkveebedrijf in beginsel geen dieren zullen worden ingedeeld in vleesdiercategorieën. Afgekalfde dieren worden allemaal in diercategorie 100 geplaatst. Wordt een melkkoe na de melkgevende periode afgemest, dan kan voor zo’n koe een afmestperiode ingevoerd worden. Hiervoor gaat u naar het scherm ‘individueel dier’ (doorklik op het betreffende dier). Bij ‘Afmesten’ kunt u het schuifbalkje aanklikken en vervolgens de begindatum van deze periode ingeven. Wordt een afmestperiode ingevoerd, dan wordt het dier vanaf dat moment ingedeeld in een vleescategorie (voor een melkkoe is dat diercategorie 120 (weide- en zoogkoeien). Het dier wordt dan voorzien van een attendering. Heeft u een koe die u via de MPR op ‘bestemd voor de vleesproductie (code 51)’ hebt gezet, dan moet u deze via bovenstaande procedure ook op ‘afmesten’ zetten.

Melding zoogkoeienhouderij in relatie tot jonge dieren 

Ook de zoogkoeienhouderij is geconfronteerd met fosfaatrechten. De overheid heeft besloten dat voor jongvee dat niet bestemd is om later een zoogkoe te worden geen fosfaatrechten nodig zijn. Deze dieren mogen in vleesvee categorieën gezet worden. Zo’n wijziging kan doorgevoerd op het scherm ‘individueel dier’. U kunt het levensdoel wijzigen naar ‘Vlees’. De diercategorieën zullen wijzigen van 101/102 naar 115/122 (roodvlees).

 

Fokstieren

Stieren die op een bedrijf staan zijn meestal bestemd voor de vleesproductie. Dit geldt ook voor stieren die op een melkveebedrijf staan (zijn/worden geboren).
Zoals hierboven benoemd worden deze in de diercategorieën 115/122 geplaatst. Maakt een melkveebedrijf gebruik van een eigen stier, dan moet het levensdoel van deze stier aangepast worden naar ‘Fokstier’. Hiervoor gaat u naar het scherm ‘individueel dier’, u klikt vervolgens op de button ‘Fokstier’. De diercategorieën zullen direct én met terugwerkende kracht wijzigen in 101 en 104 (fokstier > 1 jaar). Dit betekent dat een melkveehouder voor een eigen stier in het eerste levensjaar fosfaatrechten nodig heeft.
Voor fokstieren in de vleesveehouderij zijn geen fosfaatrechten nodig. Deze fokstieren kunnen derhalve in de diercategorieën 115/122 blijven staan.

 

Meer weten?

De handleiding hoe u het levensdoel voor een dier kan aanpassen vindt u hier.

Wij vertrouwen erop u hierbij voldoende te hebben geïnformeerd. Mocht u toch nog vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de Klantenservice van CRV via telefoon: 088 00 24 440 of per e-mail: klantenservice.nl@crv4all.com.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *